BATH HOUSE
Solo Exhibition, June 2026
Klub Kocka, Split, Croatia
Curated by QueerANarchive
Bath House transforms the gallery space into a speculative bathing place, based on artistic exploration of bathing practices – from queer bathhouse culture, through Finnish sauna rituals, to contemporary forms such as sound bathing. Through an installation composed of archival materials, textual recordings, sound and soap sculptures, video and olfactory elements, the space becomes an ambience of slowed time and porous boundaries that invites shared experience and presence.
The artistic research starts from the one-day lesbian event The Pussy Palace, held at a Toronto beach in 2000. The event ended in a police raid, and the public investigation, media coverage, and the experiences of the participants encourage us to reflect on the politics of visibility, regulation, and surveillance of sexuality. Elements of newspaper articles and oral history transcripts appear in the work printed on towels, embedded in soap sculptures, or dispersed within the space. In this way, the archive does not remain a static document, but becomes tactile, audible, and fragrant. Something that can be touched, inhaled, and felt again.
As such, the work further opens up the question of the archive as a living place. Oral histories and ephemeral traces do not serve solely to reconstruct the past, but to create conditions for new encounters. In this openness, the archive appears as a place of speculation, resistance, and pleasure. Structured like a ritual bath, the installation uses hourglasses and the diffusion of scents to focus attention on the body, rhythm, and sensory experience, constructing an intimate queer space of community and imagination.
The exhibition was supported by Flanders State of the Art.
Bath House transformeert de galerieruimte tot een fictieve badplaats, gebaseerd op een artistieke verkenning van badpraktijken – van de queer-badhuiscultuur en Finse saunarituelen tot hedendaagse vormen zoals geluidsbaden. Door middel van een installatie bestaande uit archiefmateriaal, tekstopnames, geluids- en zeep sculpturen, video en geurelementen, verandert de ruimte in een sfeer van vertraagde tijd en poreuze grenzen die uitnodigt tot gedeelde ervaringen en aanwezigheid.
Het artistieke onderzoek neemt zijn begin bij het eendaagse lesbische evenement ‘The Pussy Palace’, dat in 2000 op een strand in Toronto plaatsvond. Het evenement eindigde in een politie-inval, en het openbaar onderzoek, de berichtgeving in de media en de ervaringen van de deelnemers zetten ons aan tot nadenken over de politiek van zichtbaarheid, regulering en toezicht op seksualiteit. Fragmenten uit krantenartikelen en transcripties van mondelinge getuigenissen duiken in het werk op: gedrukt op handdoeken, verwerkt in zeepbeelden of verspreid door de ruimte. Op deze manier blijft het archief geen statisch document, maar wordt het tastbaar, hoorbaar en geurig. Iets dat opnieuw kan worden aangeraakt, ingeademd en gevoeld.
Als zodanig werpt het werk de vraag op of het archief een levende plek is. Mondelinge geschiedenissen en vluchtige sporen dienen niet alleen om het verleden te reconstrueren, maar ook om voorwaarden te scheppen voor nieuwe ontmoetingen. In deze openheid verschijnt het archief als een plek van speculatie, verzet en genot. De installatie is opgebouwd als een ritueel bad en maakt gebruik van zandlopers en de verspreiding van geuren om de aandacht te richten op het lichaam, het ritme en de zintuiglijke ervaring, waardoor een intieme queer-ruimte van gemeenschap en verbeelding wordt gecreëerd.
De tentoonstelling werd ondersteund door het Vlaams Departement Cultuur, Jeugd en Media